abastecía

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Spaans

Werkwoord

vervoeging van
abastecer

abastecía

  1. eerste persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van abastecer
  2. derde persoon enkelvoud verleden tijd (pretérito imperfecto) van abastecer