aanzienlijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: aanzienlijk (hulp, bestand)
Woordafbreking
- aan·zien·lijk
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | aanzienlijk | aanzienlijker | aanzienlijkst |
| verbogen | aanzienlijke | aanzienlijkere | aanzienlijkste |
Bijvoeglijk naamwoord
aanzienlijk
- voornáám, groot
- Ze was een telg uit een van de aanzienlijkste families van Venetië.
- Met de handel in verdovende middelen zijn aanzienlijke bedragen gemoeid.