aanspannen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: aanspannen (hulp, bestand)
Woordafbreking
- aan·span·nen
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| aanspannen |
spande aan |
aangespannen |
| gemengd | volledig | |
Werkwoord
aanspannen
- (overgankelijk) voorspannen
- (overgankelijk) (een rechtszaak) beginnen
Uitdrukkingen en gezegden
- [2] Tegen iemand een rechtszaak aanspannen.