aangewezen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- aan·ge·we·zen
Woordherkomst en -opbouw
- Voltooid deelwoord van aanwijzen.
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | aangewezen |
| verbogen | - |
Bijvoeglijk naamwoord
aangewezen
- meest geschikt
- Hij is de aangewezen persoon voor die klus.
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| aanwijzen |
aangewezen
- voltooid deelwoord van aanwijzen