aanduwen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·du·wen
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van duwen met het voorvoegsel aan-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
aanduwen
duwde aan
aangeduwd
zwak -d volledig

Werkwoord

aanduwen

  1. vaster duwen
  2. (overgankelijk) verplaatsen door te duwen
    Wegens een startprobleem moesten we de auto aanduwen.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen