aandiepen/vervoeging
Uit WikiWoordenboek
| vervoeging van de bedrijvende vorm van aandiepen | |||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| tegenwoordige tijd | verleden tijd | toekomende tijd | |||||||||
| enkelvoud | meervoud | enkelvoud | meervoud | enkelvoud | meervoud | ||||||
| ik | diep aan, (bijzin) aandiep |
wij, we | diepen aan, (bijzin) aandiepen |
ik | diepte aan, (bijzin) aandiepte |
wij, we | diepten aan, (bijzin) aandiepten |
ik | zal aandiepen | wij, we | zullen aandiepen |
| jij, je, u gij, ge |
diept aan, (bijzin) aandiept |
jullie | diepen aan, (bijzin) aandiepen |
jij, je, u gij, ge |
diepte aan, (bijzin) aandiepte |
jullie | diepten aan, (bijzin) aandiepten |
jij, je, u gij, ge |
zal, zult aandiepen zult aandiepen |
jullie | zullen aandiepen |
| hij, zij, het | diept aan, (bijzin) aandiept |
zij, ze | diepen aan, (bijzin) aandiepen |
hij, zij, het | diepte aan, (bijzin) aandiepte |
zij, ze | diepten aan, (bijzin) aandiepten |
hij, zij, het | zal aandiepen | zij, ze | zullen aandiepen |
| onvoltooid deelwoord | voltooide tijd | gebiedende wijs | aanvoegende wijs | ||||||||
| aandiepend | aangediept hebben | diep aan, diept aan | diepe aan (bijzin) aandiepe |
||||||||