aanaarden

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·aar·den
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
aanaarden
aardde aan
aangeaard
zwak -d volledig

Werkwoord

aanaarden

  1. de grond rondom ophogen
    Aardappels kun je aanaarden, waarmee je voorkomt dat de opgroeiende knollen aan het oppervlakte komen en verkleuren.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen