Oudengels

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Oud·eng·els

Niet in de woordenlijst van de Taalunie

enkelvoud meervoud
naamwoord Oudengels -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

Oudengels o

  1. (taal) het Engels zoals het tussen 400 en 1100 werd gesproken en dat de voorloper van het moderne Engels is.
    Het Oudengels werd een lange tijd gesproken.
Synoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Andere talen