Fachmann

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • Fach·mann
enkelvoud meervoud
nominatief der Fachmann die Fachmänner
genitief des Fachmanns der Fachmänner
datief dem Fachmann den Fachmännern
accusatief den Fachmann die Fachmänner
enkelvoud meervoud
nominatief - die Fachleute
genitief - der Fachleute
datief - den Fachleuten
accusatief - die Fachleute

Zelfstandig naamwoord

Fachmann, m

  1. vakman, deskundige
Verwante begrippen
Opmerkingen
  • Eerste verbuiging bij mannen
  • Tweede verbuiging bij mannen of mannen en vrouwen