50 eurobiljet

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • 50 eu·ro·bil·jet
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord 50 eurobiljet 50 eurobiljetten
verkleinwoord 50 eurobiljetje 50 eurobiljetjes

Zelfstandig naamwoord

50 eurobiljet o

  1. een bankbiljet ter waarde van 50 euro
    Hij vond een 50 eurobiljet op de grond.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen